Bourboulenc (spreek uit: boerboelank). Waar kennen we die ook weer van?
Het is een witte druif uit het departement Vaucluse, de zuidelijke Rhône. Het gebied van de Villages en zuidelijke cru’s (omgeving Château-neuf-du-Pape), maar ook de Ventoux en de Luberon. In de Côtes de Provence en de Coteaux d’Aix ben ik de bourboulenc ook tegengekomen en ook in Bandol en Cassis.

 

In de Languedoc wordt hij voor minimaal 40% in de La Clape gestopt en geeft daar zeer goede wijnen.
Roussillon wordt hij tourbat genoemd.
Op Sardinië kwamen we de torbato tegen in de spumante van Sella & Mosca.
Een groot voordeel in dit warme, mediterrane klimaat is dat de bouboulenc geen heel alcoholische wijnen geeft en ook altijd redelijk wat zuren bezit. In de zuidelijke blends zorgt de bourboulenc voor frisheid en citrustonen.
Als een bourboulenc wat rijper is, ontwikkelt hij naast groene appel en citrus ook notige geuren en smaken.
Persoonlijk vind ik de witte Vacqueyras van het geheel biologisch-dynamisch werkende wijnbedrijf Montirius (Gall&Gall heeft de rode) erg geslaagd. Er zit voor 50% bourboulenc in.
Ook Chapoutier uit de noordelijke Rhône maakt een aardige witte wijn op basis van bourboulenc met grenache blanc en clairette: Belleruche (Sligro). Ook biologisch-dynamisch.